Baardagaam

Goed voorbereid van start

Als je een baardagaam aan wilt schaffen kijk dan goed of de baardagaam er gezond uit ziet. Punten waar je op moet letten zijn:
 

  • Is de baardagaam alert
  • Staan de ogen helder
  • Is de cloaca schoon
  • Eet de baardagaam goed (ook groente)
  • Is de huid gaaf (regelmatig zie je bij baardagamen dat ze een paar tenen of een stukje van de staart missen, dit kan geen kwaad maar staat natuurlijk minder mooi)
  • Ziet het terrarium waar de baardagamen in zitten schoon en verzorgt uit
  • Vraag altijd na of er een UV lamp in de bak zit en of er bijgevoerd is met mineralen en vitamine poeder

De inrichting van een terrarium

Hoe groot het terrarium dat je gaat aanschaffen moet zijn, ligt er aan hoeveel baardagamen je wilt gaan houden. Als je één baardagaam wil kan je het beste een bak van minimaal één meter aanschaffen, voor een koppeltje adviseren wij een bak van minimaal 1.20 meter, natuurlijk geldt hoe groter de bak hoe prettiger voor het dier. Op de bodem van het terrarium wordt meestal speciaal terrariumzand gedaan, dit is in verschillende kleuren verkrijgbaar. Zand is erg makkelijk in gebruik, je kan makkelijk met een speciale zeef de uitwerpselen en etensresten verwijderen zodat je niet elke keer de hele bak hoeft te verschonen. De hele bak verschonen word vaak 1 keer in de 3-4 maanden gedaan. Op de achterkant van het terrarium word vaak een kurkachterwand (eventueel anti krekel) geplaatst, dit ziet er natuurlijk uit en je kan er ook eventuele decoratie aan bevestigen. Omdat baardagamen graag klimmen is het verstandig om rotsen en/of takken te plaatsen. De takken en/of stenen dienen ook als schuilplaats. Het beste kun je takken en/of stenen onder de lamp plaatsen zodat de baardagamen een zonneplek hebben. Overdag mag de temperatuur in het terrarium onder de lamp oplopen tot 45 graden, in de rest van de bak moet de temperatuur rond de 25 tot 30 graden zijn. ’s Nachts mag de temperatuur terugzakken naar 20 tot 24 graden. Als het in de bak te koud word kan je een warmtesteen of mat in het terrarium plaatsen. In de zomermaanden hebben de baardagamen 12-14 uur per dag licht nodig en in de wintermaanden 8-10 uur. Let er goed op welk soort lampen je aanschaft, een speciale UV lamp is voor een baardagaam noodzakelijk. Zonder UV licht kan een baardagaam zijn vitamine D niet opnemen, hierdoor kunnen ze allerlei problemen met de botten en gewrichten krijgen. Baardagamen houden erg van baden, dus een bad is ook raadzaam, verschoon dit wel regelmatig, want tijdens het baden poepen ze vaak in het water. Als de baardagaam hier uit wil gaan drinken is dit natuurlijk niet zo fris, en door de warmte in het terrarium kunnen bacteriën zich ook snel ontwikkelen. Neemt je baardagaam geen bad besproei hem dan om de dag met wat lauw water. Veel baardagamen maken van deze gelegenheid gelijk gebruik om te drinken, ze vinden dit vaak lekkerder dan om uit een bakje te drinken.

Voeding

Jonge baardagamen eten voor het grootste gedeelte dierlijk voer, naarmate ze ouder worden gaan ze ook meer groente eten.
Het menu van een volwassen baardagaam bestaat voor 50% uit dierlijk en 50% uit plantaardig voedsel. Het dierlijke voedsel kan bestaan uit bijvoorbeeld krekels, sprinkhanen, wasmotten, moriowormen en pinkies. Het plantaardige menu kan bestaan uit de vele soorten groente en fruit, het beste kun je een beetje uitproberen wat je baardagaam lekker vindt. Als hij nog geen groenvoer gewend is kan je het beste met gekleurde soorten beginnen zoals bijvoorbeeld tomaat of aardbei. De meeste baardagamen houden erg van andijvie, koolsoorten en appel. Probeer zoveel mogelijk af te wisselen en als je baardagaam nu iets niet lust probeer het later nog eens, vaak eten ze het dan wel.

Bepoeder altijd je voedsel met vitamine en mineralen poeder

Latijnse naamPogona vitticeps
Land van herkomstAustralië
Natuurlijke leefomgevingWarme droge gebieden met lichte boomgroei
Gemiddelde leeftijd10 tot 15 jaar
GrootteLengte inclusief staart tot 60cm, kop-romp lengte 20 tot 25cm
Broedtijd55 tot 75 dagen
Nestgrootte10 tot 30 eieren
VoedingOmnivoor (alleseter)

Winterrust

Baardagamen gaan vaak aan het einde van de herfst in winterrust. Ze hebben nog wel activiteit maar eten weinig of niets. Gaat je baardagaam in winterrust dan kan je het beste de temperatuur langzaam terug brengen naar 20 tot 25 graden, lager wattage lampen, en de lampen 5 tot 6 uur per dag laten branden. De winterrust duurt ongeveer 2 maanden, na die 2 maanden kun je de temperatuur en lichturen weer langzaam omhoog brengen. Is je baardagaam in slechte conditie laat hem dan niet in winterrust gaan.

Kweken met baardagamen

Wil je met je baardagamen gaan kweken moet je natuurlijk wel weten of je een mannetje en vrouwtje hebt. Bij jonge baardagamen is het verschil lastig te zien maar bij de volwassen baardagamen zie je bij de man aan de binnenkant van het dijbeen femorale poriën zitten, en bij de vrouw zie je dit soms ook alleen zijn die veel kleiner. Bij de man zie je als je zijn staart op tilt aan alle twee de kanten van de staartwortel twee bulten zitten, en bij de man loopt de cloaca opening ovaal en bij de vrouw rond. Aan het gedrag van een baardagaam kan je vaak ook het geslacht aflezen, mannen kunnen een donker zwarte baard opzetten en schudden vaak met hun kop op en neer en de vrouwen zwaaien vaak met hun pootje. De eerste paring vindt vaak ongeveer 3 tot 4 weken na de winterrust plaats, het mannetje bijt zich dan vast in de nek van het vrouwtje. Ongeveer één maand na de paring legt het vrouwtje haar eieren. Het vrouwtje moet wel een geschikte plaats hebben om haar eitjes in te kunnen leggen, het beste kun je zorgen voor een hoge berg (ongeveer 20cm) vochtig zand. Als de eieren gelegd zijn pak ze dan voorzichtig op (niet omdraaien) en leg ze in een bakje met vermiculiet. Het beste kun je het bakje in een speciale broedmachine zetten waar de temperatuur constant rond de 30 graden is. Na 55 tot 80 dagen zullen de eieren uitkomen. De vrouwtjes leggen twee tot drie legsels per jaar.

Mocht je na het lezen van deze informatie nog vragen hebben, kun je contact met ons opnemen.